Wanneer de bal rolt, herleeft

San Marco

Michel van Egmond

Journalist en schrijver

Toen ik tijdens het schrijven van de verhalen voor mijn nieuwste boek Voetbal kijken met Van Basten niet alleen oog in oog kwam te staan met Marco van Basten maar ook met Paul Gascoigne, kreeg ik de bevestiging van wat ik eigenlijk al wist: dat het moeilijk is te leven als topsporter, maar dat het minstens zo lastig is te moeten leven als ex-topsporter.

Gascoigne was ooit de beste Britse voetballer van zijn generatie, maar nu een wandelend wrak. Hij krulde vroeger de ballen met speels gemak in de kruising en groeide zo uit tot een van de grootste publiekslievelingen in de geschiedenis van het Engelse voetbal. Na zijn loopbaan raakte hij steeds verder aan lager wal. Inmiddels voorziet hij gedeeltelijk in zijn levensonderhoud door in zalen en zaaltjes wrange verhalen te vertellen over de manier waarop hij zichzelf ten gronde had gericht. 
Hij geeft jaarlijks een klein fortuin uit aan de plastisch chirurg, die daarvoor elke keer een nieuwe poging mag wagen om de diepe sporen uit te wissen die de alcoholverslaving, de drugs, de medicijnen, de stress, de pillen, de vechtpartijen, de vreetpartijen, de auto-ongelukken, de waanbeelden, de tics, de valpartijen en de slapeloze nachten op zijn gezicht hebben achtergelaten. Het is nooit helemaal gelukt. Hij lijkt in niets meer op de voetballer die hij ooit was.

‘Of het nu een golfbal was, een squashbal of in dit geval een pingpongballetje: op zulke momenten kwam er een natuurlijke gratie over hem’

Ook Marco van Basten leek in eerste instantie niet meer op de Marco van Basten van vroeger toen ik hem aantrof achter de schermen van een televisieprogramma en ter plekke besloot hem onderwerp te maken van het titelverhaal van mijn boek.
Na vruchteloze pogingen van allerlei doktoren om zijn enkel te redden van de ondergang, had ook hij tijd nodig om zich neer te leggen bij een leven zonder bal en een bestaan in lange broek, maar inmiddels leek dat prima gelukt. Hij was tegenwoordig voetbalanalist op tv, wat ervoor zorgde dat de superspits van weleer nu met een serieus gezicht en een blauwe leesbril op zijn neus zat te bladeren in een stapel opstellingen.

Na afloop van de uitzending nam hij plaats achter een tafeltennistafel, en begon behendig een van de redacteuren te vermorzelen. Hij speelde goed. Het was de hele avond moeilijk geweest om in de grijze man met zijn blauwe leesbril nog de topsporter van vroeger te herkennen, behalve nu hij in de buurt van een bal was. Of het nu een golfbal was, een squashbal of in dit geval een pingpongballetje: op zulke momenten kwam er een natuurlijke gratie over hem. Daardoor deed hij je op slag terugdenken aan lang vervlogen middagen in De Meer, in San Siro, in het Volksparkstadion en al die andere plekken waar de ene omhaal nog niet was gemaakt of de volgende zich alweer aandiende, alsof er helemaal geen kraakbeen, slijtage of enkeloperaties bestonden.

Een klein pingpongballetje had ervoor gezorgd dat de analist Van Basten weer heel even San Marco van vroeger werd, en het voelde als een groot voorrecht om het te kunnen zien.

Winnen!

Benieuwd naar alle verhalen en anekdotes die Michel van Egmond in zijn nieuwste boek Voetbal kijken met Van Basten beschrijft? Als Ziggo-klant maak je kans op een van de 5 gesigneerde boeken. Hoe je meedoet met de winactie? Heel simpel: vul hieronder je naam en e-mailadres in. 

Column